Episode 2: Thermische Opwarming en Biologische schade


Wetenschappers zijn het er niet over eens hoe elektromagnetische straling schade veroorzaakt. De huidige normen zijn gebaseerd op de overtuiging dat niet-ioniserende straling enkel schade veroorzaakt als het onze weefsels opwarmt. Volgens die stelling moeten we ons met de huidige normen geen zorgen maken. 

Maar is dat wel zo?

 Het spectrum van natuurlijke en mensgemaakte straling is heel breed. Er zijn oneindig veel frequenties en signaalvormen. Goede straling bevordert en ondersteunt het leven. Slechte straling verzwakt en vernietigt het. Vandaag gebruikt de medische wereld elektromagnetische velden bijvoorbeeld om kankercellen te bestrijden.   Andere, gunstige toepassingen, zijn acupunctuur en lichttherapie. Aan de andere kant zijn er de radiogolven waarmee we draadloos communiceren. In wetenschappelijke middens is er consensus over de schadelijkheid van elektromagnetische straling bij zeer hoge frequenties. Dit soort straling bevat zeer veel energie en kan tot moleculaire veranderingen leiden. Men noemt het ioniserende straling. Het is cumulatief schadelijk voor al wat leeft. De meest gekende vormen zijn x-stralen, gammastralen en andere vormen van radioactiviteit. 

Naast ioniseren kan elektromagnetische straling ook biologische weefsels opwarmen. Straling is immers energie en energie wekt warmte op. Zonlicht, bijvoorbeeld, verhit onze weefsels. Daarom voelt het fijn om in de zon te zitten. Teveel zonnestraling echter, dat is schadelijk. Dan kan je verbranden. 

Mensgemaakte stralingsvelden zijn doorgaans lager in frequentie dan het zonlicht. Bij groot zendvermogen kan zelfs dat soort straling weefsels opwarmen. Voorbeelden zijn de microgolfoven en de inductieplaat. 

Draadloze technologie veroorzaakt ook warmte-effecten, maar door het zendvermogen te controleren, kan je dat beperken. 

Straling kan ook warmte-effecten veroorzaken. Deze zogenoemde thermische effecten kunnen optreden bij hogere frequenties. Ze komen bij groot zendvermogen ook voor bij lagere frequenties. Een goed voorbeeld van dat laatste is de microgolfoven of de inductieplaat.


Daarom legt de overheid  grenswaarden vast. Voor die normen doet ze een beroep op gespecialiseerde instellingen zoals de zogenaamde “International Commission for Non-Ionising Radiation Protection” of ICNIRP. Volgens het ICNIRP is straling enkel schadelijk wanneer het weefsels opwarmt. Als dat niet het geval is, dan is er geen probleem.

Zo een benadering is wetenschappelijk omstreden. Uit talloze collegiaal getoetste studies blijkt immers dat mensgemaakte straling reeds ver onder de opwarmingsgrens biologische effecten veroorzaakt. Het gaat bijvoorbeeld om vermoeidheid, slapeloosheid, verstoring van de hormoonspiegel, beschadiging van de bloed-hersenbarrière en zelfs DNA-breuken.

Voor al die biologische effecten zijn er intussen heel wat wetenschappelijke bewijzen. Steeds meer studies, waaronder ook epidemiologische, wijzen op een grondige verstoring van biologische processen ver onder de opwarmingsgrens.  De reden daarvoor is niet alleen het zendvermogen maar ook hoe draaggolven digitaal gemoduleerd worden. Sterk gepulste signalen verstoren subtiele biologische processen en veroorzaken voortdurend stressreacties in het lichaam. Maar daar hebben noch het ICNIRP noch de overheid oren naar. Onder invloed van de industrie blijven ze vasthouden aan achterhaalde uitgangspunten en bevooroordeelde studies. Om ons daadwerkelijk tegen de schadelijke effecten van draadloze technologie te beschermen, hebben we normen nodig die:

rekening houden met biologische effecten

  • het voorzorgsbeginsel toepassen
  • onafhankelijke wetenschap ernstig nemen

  • veel strenger zijn dan vandaag het geval is 

Daarom ijveren wij voor een omgevingsbelasting van maximum 0.6 volt per meter en voor normen die met àlle effecten van draadloze technologie rekening houden.

Wil je ons steunen? Dat kan!

  • Je kan een vrije donatie doen op rekening BE45 9733 9096 4089 – BIC: ARSPBE22.
  • U kan ook onderstaande knop gebruiken om te doneren.